Grafzerk Liduina

In 1947 wordt in het grafkeldertje van Liduina (1380-1433) een roodstenen zerk gevonden. De grafsteen had, net na de dood van Liduina haar graf bedekt. Deze zerk was in het graf (± 1560) terecht gekomen, omdat deze toen vervangen werd door een nieuwe zerk van Naams marmer (thans te bewonderen in de Liduina Basiliek).

De roodstenen grafzerk is sinds 1947 ingemetseld in de noordmuur, van de noordbeuk, van de Grote Kerk. Deze steen is veel ouder, dan 1433 en dateert uit 1370. De grafzerk is afkomstig uit Delft en was ooit bestemd voor het graf van een oudoom van Liduina. Deze oom Willem was net tot priester gewijd, in 1370, en had vrijdags zijn nieuwe priestergewaad ontvangen om dienst te doen voor zijn eerste Mis in de Sint Hippolytuskerk (Oude Kerk). Tijdens een familievete, die vrijdag, is priester Willem in zijn nieuwe gewaad dusdanig mishandeld, dat hij overleed. Hij werd begraven ten noorden van de dan nieuwe en reeds scheve toren van de Oude Kerk.

In 1430 geeft Liduina, haar biechtvader Jan, opdracht de roodstenen grafzerk op te gaan halen in Delft.